Vraag: Hoe kan jij ervoor zorgen dat er minder plastic draagtassen worden gemaakt?

Antwoord A
A: Je eigen draagtas meenemen.
Antwoord B
B: Iedere keer een nieuwe schone tas kopen bij de supermarkt.
Antwoord C
C: Alles in je jaszak stoppen.
Om te zorgen dat er minder plastic afval is, kan je een aantal dingen doen: 1. Nee zeggen tegen plastic, door bijvoorbeeld je eigen draagtas mee te nemen naar de supermarkt in plaats van een nieuwe plastic tas te kopen. Gebruik zo min mogelijk wegwerp servies, geen plastic bekertjes en plastic vorkjes. Minder plastic gebruiken, dat kan door in de winkel te kiezen voor een product die niet verpakt is in plastic. 2. Het plastic goed weggooien, altijd in een prullenbak, nooit in de natuur. De PET flessen inleveren en het plastic in de daarvoor bestemde afvalbak gooien, zodat het goed gerecycled kan worden. We gebruiken steeds meer plastic, heel veel wordt weggegooid bij het vuilnis en dit wordt verbrand waarbij schadelijke gassen vrijkomen. Een andere manier kan zijn om plastic afval te recyclen, maar dit is heel moeilijk. Plastic recyclen is moeilijk omdat je de verschillende soorten plastic zou moeten scheiden voordat je ze recycled. Daarom worden bijvoorbeeld de petflessen verzameld, dan kan al het PET worden omgesmolten tot nieuwe flessen. Al het plastic bij elkaar gooien en omsmelten tot een nieuw product geeft een plastic met een slechte kwaliteit waardoor je het eigenlijk alleen maar kan gebruiken om verkeerspaaltjes mee te maken. Het plastic scheiden van elkaar en iedere plastic soort apart recyclen wordt maar heel weinig gedaan, omdat dit heel duur is. Bedrijven kopen liever nieuw plastic, dit is goedkoper en dat is natuurlijk heel jammer.

We beginnen met een stukje geschiedenis van plastic. Hiervoor moeten we terug naar 1600 voor Christus . De Maya’s en Azteken, die in Mexico woonden, gebruikten een rubberen bal voor hun balspel . Het spel was dat ze een rubberen bal door een ring moesten krijgen. Deze rubberen bal was gemaakt van latex. Dit latex kwam uit de rubberboom. We maken een sprong van 3500 jaar vooruit, want in 1843 werd het vulkaniseren van rubber uitgevonden. Hiermee werd het rubber sterker en was het niet meer plakkerig. Een voorbeeld van dit soort rubber is het post elastiek . Een nadeel van zo’n elastiek is dat het geen 5 jaar mee gaat, het wordt hard en verliest zijn rekbaarheid door het zonlicht. Het gevulkaniseerde rubber werd later gebruikt voor fietsbanden en nog later voor autobanden, maar omdat er veel meer autobanden nodig waren dan de rubberboom rubber kon maken, werd er gezocht naar een oplossing. Het rubber moest in een fabriek worden gemaakt en dat noemen ze synthetisch rubber. Synthetisch wil zeggen dat het door een scheikundig proces gemaakt is van aardolie.