Vraag: Wanneer mag je de handshredder wel gebruiken?

Antwoord A
A: Als je een loshangend kledingstuk aanhebt, dat tussen de shredder kan komen.
Antwoord B
B: Wanneer de trechter loszit.
Antwoord C
C: Als de handshredder vastgezet wordt op een grote, stevige tafel.
Voordat je begint met shredden van de kleine geknipte stukjes plastic, lopen we eerst de shredder na. Onder de deksel van de plastic kist zit een foto van de shredder benamingen van alle onderdelen en een foto van het etui met de inhoud ervan. We gaan eerst kijken en voelen of de shredder en alle onderdelen van de shredder goed vastzitten. Zit er iets los, mag je de shredder niet gebruiken. Kijk ook even door het kijkglas, dit mag niet kapot zijn of beschadigd zijn en kijk of er niets ligt op de messen. De messen van de handshredder zorgen dat het plastic in kleine stukjes wordt gesneden. Deze kleine stukjes noemen we granulaat. Zorg dat lang haar in een staartje zit, dat je geen loshangende kledingstukken of sieraden om hebt, want dat kan tussen de shredder komen en dat is gevaarlijk. Er mag ook maar één leerling tegelijk aan de shredder werken dus dezelfde leerling die het plastic erin gooit, gaat het ook draaien. ingooien = draaien. Je hebt hiervoor de zwengel nodig, deze zit in het etui. De zwengel stop je op de linker as. Gooi één stukje plastic in de vierkante invoeropening van de shredder. Let op! Je mag er niet met je hand in. Je mag niet voorbij de zwart-gele markering.
Het stukje plastic moet op de shreddermessen vallen. Dat zie je als je door het kijkglas kijkt. Valt het stukje plastic niet door de trechter heen, dan kan je hem doorduwen met de houten doorvoerstok. Deze ligt ook in de plastic kist. Draai de zwengel rechtsom, kijk naar de pijltjes, en het plastic wordt geshred, kleingemaakt. Dit kan heel zwaar zijn. Draai 3 keer rechtsom en een slag helemaal linksom, dit blijf je herhalen. Dus 3 x rechtsom, één keer linksom. Kijk door het kijkglas. Als het stukje plastic weg is, dan mag er een nieuw stukje plastic in. Dit is heel belangrijk! Er mag maar één stukje plastic tegelijk in, anders raakt de shredder verstop en kan je de zwengel niet meer ronddraaien. Dan is de shredder niet meer te gebruiken. Heb je 5 stukjes plastic geshred, dan haal je de zwengel van de tandwielkast/schredder af en pak je het houten roerstaafje uit het etui. Deze gebruikt een schilder normaal om in de verf te roeren. Houd een bakje of emmertje onder de opvangbak om het granulaat in te doen. Het granulaat, de kleine stukjes plastic, smelten we weer om tot iets nieuws.
We gaan verder met shredden. Het kan gebeuren dat een klein stukje plastic dat je door de invoeropening hebt gegooid, op de shreddermessen blijft liggen. Dan pakken de messen het stukje plastic niet. Pak dan de houten doorvoerstok en steek deze door het kleine ronde gat aan de bovenkant van de trechter. Probeer het stukje plastic te verplaatsen en draai dan aan de zwengel. Als de shreddermessen het plastic nog niet pakken, probeer het dan nogmaals met de doorvoerstok. Wanneer er iets stuk is aan de shredder, mag hij niet meer worden gebruikt. Dan moet hij worden teruggestuurd voor reparatie. Als het niet meer mogelijk is dat je de zwengel kan draaien, omdat de shreddermessen vol zitten, deze niet meer gebruiken. Is er iets anders ingegooid dan een klein stukje PP, niet meer gebruiken. De shredder kan hierdoor kapot gaan. Wanneer de trechter stuk is of los zit, het kijkglas stuk is, de tandwielen beschadigt of kapot zijn of een onderdeel ontbreek of los zit of andere gebreken, de shredder niet meer gebruiken. Verzamel al het geshredde plastic, het granulaat, zodat je het met de shredder kan terugsturen.

We beginnen met een stukje geschiedenis van plastic. Hiervoor moeten we terug naar 1600 voor Christus . De Maya’s en Azteken, die in Mexico woonden, gebruikten een rubberen bal voor hun balspel . Het spel was dat ze een rubberen bal door een ring moesten krijgen. Deze rubberen bal was gemaakt van latex. Dit latex kwam uit de rubberboom. We maken een sprong van 3500 jaar vooruit, want in 1843 werd het vulkaniseren van rubber uitgevonden. Hiermee werd het rubber sterker en was het niet meer plakkerig. Een voorbeeld van dit soort rubber is het post elastiek . Een nadeel van zo’n elastiek is dat het geen 5 jaar mee gaat, het wordt hard en verliest zijn rekbaarheid door het zonlicht. Het gevulkaniseerde rubber werd later gebruikt voor fietsbanden en nog later voor autobanden, maar omdat er veel meer autobanden nodig waren dan de rubberboom rubber kon maken, werd er gezocht naar een oplossing. Het rubber moest in een fabriek worden gemaakt en dat noemen ze synthetisch rubber. Synthetisch wil zeggen dat het door een scheikundig proces gemaakt is van aardolie.