Fout antwoord op de vraag: Waarom gaan we PP inzamelen en geen PVC? Bekijk het filmpje nogmaals en beantwoord de vraag nog een keer.

Antwoord A
A: De damp bij het verhitten van PVC is heel giftig, de damp van PP is een stuk minder giftig.
Antwoord B
B: De damp bij het verhitten van PP is heel giftig, de damp van PVC is een stuk minder giftig.
Antwoord C
C: PP is veel duurder.
We gaan Poly Propyleen inzamelen. Weet je nog, het plastic met het recycle logo 5 en PP, wat je aan de onderkant van je bak je vindt.
Waarom PolyPropyleen? We gebruiken de afkorting PP, is veel makkelijker. Het PP is sterk, makkelijk te recyclen en als het smelt komen er giftige gassen vrij, maar lang niet zo erge giftige gassen als bijvoorbeeld bij het smelten van PET of PVC.
En je komt PP heel veel tegen, vooral in de koelkast. Kijk onderop voor het logo. Staat er geen logo of kan je het niet vinden, niet inleveren. PP zijn ook plantenbakje of kweekpotjes. Dus PP moet erop staan.
De volgende eis, het moet schoon zijn. Het boterkuipje of de bakjes van het bezorgde eten moet je afwassen. Alle viezigheid weg en het moet schoon en vetvrij aanvoelen.
Het PP mag geen plaketiketten hebben. Dit bakje heeft een druk etiket, dat kan er niet af, dat is geen probleem. Als het verhit wordt dan verbrand de verf van het etiket. Maar een plak etiket, zoals dit label of hier, dat moet er wel van af. Dat moet je ervan af krabben. Net zoals zo’n folie etiket, dat moet er ook vanaf. Verder mag het niet te dik zijn. PP komen we ook tegen als emmers, bijvoorbeeld deze, is veel te dik. Dat past niet, dat gaat niet door de handshredder. Je moet het plastic bakje makkelijk kunnen inknijpen, dan is het te gebruiken. Je stopt het in de doos, die je in de klas hebt staan, waar de PP sticker op zit. Die PP sticker vind je trouwens in het etui.

We beginnen met een stukje geschiedenis van plastic. Hiervoor moeten we terug naar 1600 voor Christus . De Maya’s en Azteken, die in Mexico woonden, gebruikten een rubberen bal voor hun balspel . Het spel was dat ze een rubberen bal door een ring moesten krijgen. Deze rubberen bal was gemaakt van latex. Dit latex kwam uit de rubberboom. We maken een sprong van 3500 jaar vooruit, want in 1843 werd het vulkaniseren van rubber uitgevonden. Hiermee werd het rubber sterker en was het niet meer plakkerig. Een voorbeeld van dit soort rubber is het post elastiek . Een nadeel van zo’n elastiek is dat het geen 5 jaar mee gaat, het wordt hard en verliest zijn rekbaarheid door het zonlicht. Het gevulkaniseerde rubber werd later gebruikt voor fietsbanden en nog later voor autobanden, maar omdat er veel meer autobanden nodig waren dan de rubberboom rubber kon maken, werd er gezocht naar een oplossing. Het rubber moest in een fabriek worden gemaakt en dat noemen ze synthetisch rubber. Synthetisch wil zeggen dat het door een scheikundig proces gemaakt is van aardolie.